donderdag 17 februari 2011

Als je haar maar goed zit

Het is ooit begonnen ergens halverwege de tweede brugklas. Daar waar ik tot die tijd altijd met lang haar tot over mijn schouders had rondgelopen (al dan niet in een paardenstaart, links, rechts of midden op mijn hoofd, met bijbehorende strikken en frutsels erin), besloot ik ineens dat er maar eens een stuk vanaf moest. Het was tijd voor wat anders en met anders bedoelde ik niet de tien centimeter die mijn moeder er op mijn verzoek vanaf knipte. Nee, na jaren te zijn 'bijgepunt' door mams wilde ik naar een échte kapper. Zo een die niet alleen knipt maar ook kleurt. Want dat is wat ik wilde: haar tot mijn kaaklijn en vier blonde highlights (heel erg eind jaren '90). Zo gezegd, zo gedaan. Op vakantie in Friesland mocht ik in het vakantiedorp naar een echte kapper en stapte ik drie uurtjes later met een nieuwe coupe en een big smile de deur uit. Mijn veranderende haar verslaving was geboren...


'Jij en je haar', zucht mijn moeder wel eens, 'het is ook nooit goed'. Hoewel ik het hier niet helemaal mee eens ben (mijn haar zit op dit moment eigenlijk best heel erg leuk), heeft ze wel een beetje een punt. Sinds die ene echte knipbeurt in dat Friese dorp, is mijn haar namelijk nooit meer hetzelfde geweest. Tenminste, bijna nooit.
Qua kleuren heb ik inmiddels bijna de hele regenboog wel gehad. De blonde highlights waren slechts een opwarmertje voor alle andere experimenten die daarop volgde. Zo werd blond al snel roze, experimenteerde ik wat met paars en rood, om daarna mijn gehele coupe van donkerbruin naar zwart te laten gaan (met de ene keer een blauwe en dan weer een aubergine kleurige gloed). Toen ik ook daar op was uitgekeken, liet ik het voor de verandering eens uitgroeien naar mijn natuurlijke kleur (die ik inmiddels al zeker 10 jaar niet meer had gezien), om daarna weer heel erg snel weer te verlangen naar blond. Platinablond wel te verstaan. Met peroxide had ik immers nog niet eerder gespeeld.

Maar niet alleen de kleur van mijn haar heeft de afgelopen jaren verschillende fasen doorlopen. Ook de lengte   van mijn coupe veranderde met de seizoenen mee. Van kaaklijn lang, tot enkele centimeters kort en alles er tussen in. Zonder pony, met pony, rechte pony, schuine pony. You name it, I had it.
Alleen terug naar lang, daar heb ik me nooit meer aan gewaagd. In ieder geval niet met mijn eigen haar. Het leuke aan kapsels is namelijk, dat je niet persé je eigen haar nodig hebt om er iets leuks van te maken. Nephaar noemen ze dat. Of extensions. En ja, ook die heb ik gehad. Sterker nog, ze zitten er nu zelfs in! Het is de ideale uitvinding voor mensen zoals ik. Kapsels die onmogelijk werden gedacht, kunnen ineens toch werkelijkheid worden. Van kort haar naar een volle bos krullen? Geen probleem! Dreads zonder dat je haar daarna moet worden afgeknipt? Geen probleem! Afro vlechtjes ondanks dat je geen afro haar hebt? Geen probleem! Het enige dat je nodig hebt is wat bossen haar en iemand die daar een beetje handig mee is (in mijn geval mijn zusje - lucky me!)

Nu zou je natuurlijk kunnen denken...waarom zoveel verschillende coupes? Wat is er nu zo leuk aan om steeds met een ander kapsel rond te lopen? Tja, wat kan ik hier nu voor zinnigs op zeggen. Zoals de een blij wordt van iedere dag een andere outfit of een gat in de lucht springt bij de nieuwste gadgets, zo vind ik het leuk om af en toe eens een beetje te experimenteren en te kijken wat een andere coupe met mij doet. Ik voel me namelijk heel anders wanneer ik kort blond haar heb, dan wanneer er lange extensions in zitten. Mijn bui bepaalt mijn coupe (en mijn coupe soms overigens ook mijn bui - ik kan heel slecht tegen bad hair days!). Mijn haar is een onderdeel van wie ik ben en als ik alle kapsels bekijk die ik door de jaren heen heb gehad, dan kan ik niets anders concluderen dan dat ze laten zien, wie ik op dat moment was, waar ik mee bezig was en hoe ik me toen voelde. Ok, niet helemaal natuurlijk (komt wel erg zweverig over zo!), maar het is wel een deel van wie ik ben.

Bijkomend voordeel overigens van die steeds wisselende gedaantes, is dat mijn vriendje nooit op mij uitgekeken raakt. Nog voordat hij ook maar gewend is aan het een, verras ik hem alweer met wat anders. Een man had nog nooit een blonde bimbo en een zwarte lolita achter elkaar in hetzelfde bed, zonder dat er ook maar sprake was van vreemdgaan. Moet je overigens wel een vriendje hebben die een beetje openstaat voor experimenteren. Niet iedere liefde kan het waarderen als je na een vakantie in Thailand ineens terugkomt met een grote bos dreads op je hoofd!



De mensen in mijn omgeving zijn het inmiddels wel gewend. Het meisje en haar coupe. Ze schrikken inmiddels nergens meer van. Zoals sneeuw hoort bij winter, zo hoort nieuw haar bij meisje nooit genoeg. De strijd tegen de 'verslaving' heb ik inmiddels opgegeven. Voor mij geen drugs of overmatig alcohol. Als je haar maar goed zit, dan kom je de dag wel door!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen